Rotterdamse glorie

Niet alleen Feyenoord wordt vandaag geëerd, ook dat andere pareltje uit Rotterdam verdient wat aandacht: de VanderHeide!

Tekst: Johan Leurink, foto’s: Jacco van de Kuilen

Het is altijd de droom van Rolf van der Heide (30) geweest: een motor die hij eigenhandig zou ontwerpen en bouwen. Dat dromen niet altijd bedrog zijn, bewijst de schoonheid die inmiddels uit zijn handen is gekomen: een black beauty van 175 kilogram en 201 pk, die zijns gelijke niet kent en wellicht zelfs een revolutie in de motor(sport)wereld ontketent. De ‘profs’ bij het Goodwood Festival of Speed, waar de VanderHeide (want dat is de simpele, maar alleszeggende naam van deze nieuwe motor) in juni aan de wereld werd getoond, waren in elk geval overdonderd: Een zwart monster met vormen waarop slechts één woord van toepassing is: het Duitse üppig (ofwel, in goed Nederlands: speels, dartel, overvloedig, luxe en rijkelijk). Retro ook. Het kuipje waarmee het wellustige vormenspel begint, doet mij denken aan de fietsen uit de jaren zeventig.  En revolutionair, want hier staat een motorfiets van carbon fiber. Een uit één stuk vervaardigd monocoque frame tot en met de (BST) velgen, achterbrug en voorvork toe,  afgewerkt met zestien lagen lak.

Alles uit carbon? En hoe zit het dan met het risico op een breuk bij het balhoofd? Dat was immers de achilleshiel bij pogingen van anderen om een carbonframe te maken. Werktuigbouwkundige Rolf ontwikkelde hiervoor een volledig nieuw ophangsysteem. Weg met het ouderwetse balhoofd. De voorvork van zijn creatie is aangesloten op een volledig instelbaar veer- en stuursysteem met dubbele wishbones en pushrods. Dat moet niet alleen voor een messcherp strak en betrouwbaar stuurgedrag zorgen, maar ook voor een gelijkmatige verdeling van de krachten die op het frame terechtkomen. De balhoofdhoek is bovendien met slechts een inbus in te stellen en af te lezen op een gradenboogliniaal. Zo verpersoonlijk je het stuurgedrag. Veer- en remsysteem zijn ontkoppelbaar. Ook het kleine zadeltje, de wespentaille,  kan na believen naar voren of achteren worden geschoven en de voetsteuntjes zijn kantelbaar. Alles ten behoeve van de ideale zitpositie; om de benen, kort of lang, zo comfortabel mogelijk om de 24 liter tank te kunnen leggen. Het vullen van die tank gebeurt op basis van de wet van de communicerende vaten.  En als je dan op de wespentaille zit, heb je uitzicht op een van de speciaal voor deze motor gemaakte Öhlins uit de autoracedivisie.  Recht voor je neus onder een transparante plaat van plexiglas met aan weerskanten de tankhelften doet hij zijn werk. In rechte lijn eronder en omgekeerd gepositioneerd doet zijn broertje hetzelfde. Het zorgt voor comfort – maar, als gezegd, vooral voor het verdelen van de krachten op het frame.

Krachtbron
Tijd voor de krachtbron waarvan een groot deel zichtbaar is gehouden. ‘Uit een Aprilla RSV4,’ zegt Sjors, de twee jaar oudere broer van Rolf en mede verantwoordelijk voor het ontstaan van de VanderHeide. ‘Vanwege het geluid, (uit twee flinterdunne HP Corse’s) het vermogen en de compacte bouw,’ verklaart hij de keuze. ‘HP Corse maakt 2000 uitlaten per jaar. Ze worden alleen op uitnodiging van de fabriek toegekend.’ Hij ziet het als een bewijs dat bedrijven als Öhlins en HP Corse begrijpen onderdeel uit te maken van iets revolutionairs. Dat geldt zeker ook voor de prestatie, oordelen de broers. Gevraagd naar de topsnelheid verschijnt er eerst een glimlach. En dan: ‘Zullen we het houden op 300 plus? Een lager gewicht en daarmee nog hogere prestaties is haalbaar, maar dan komen wij in conflict met de wet- en regelgeving. Dit is een straatversie. Een circuituitvoering komt er aan. Aprilia heeft al toegezegd dat wij over het Super Sport blok kunnen beschikken. Dan praat je over 230 pk en een gewicht van slechts 165 kilogram. Een volgende stap zou het Super Bike blok zijn. Wij sluiten niets uit. Aprilia is enthousiast en meewerkend. Over de prestaties die dan worden neergezet zullen we het maar niet hebben…’

Met een blok uit de Super Sport klasse, laat staan dat van de Super Bike, is er geen sprake meer van een straatlegale versie, wat dus wel geldt voor de ‘standaard’ VanderHeide. Daarmee is de droom van Rolf om ooit eens ’s werelds mooiste, meest wendbare en snelste straatfiets van de 21e eeuw te bouwen werkelijkheid geworden. Voor hem althans. Tests moeten het uitwijzen en daarvoor staat het pre-productie model bijna in de startblokken.

‘We zijn er vijf jaar mee bezig geweest,’ zegt Rolf. ‘Mijn droom werd een idee. Dat ontstond tijdens mijn stages bij Spyker, Carver en mijn werk bij Lightweight Structures waar ze werken met composietmaterialen. Voor mij was dat de driehoek van componenten van waaruit en waarmee ik wilde werken; de uitstraling van de Spyker, het innovatieve van de Carver en de lichtgewicht materialen bij Lightweight. Ik wilde ‘outside the box’ denken en werken. De volgende stap was een groep geestverwanten om me heen verzamelen met ieder een eigen vakgebied. Dat werden behalve mijn broer ook Michel van den Brink voor het design en Jarno Kool voor de elektronica.  De toepassing van carbon fiber en het nieuwe gepatenteerde ophangingsysteem bood alle vrijheid met betrekking tot de vormgeving. De opdracht aan Michiel was om een motor te ontwerpen met organische vormen en vloeiende lijnen. Niets mocht recht zijn.’

 

Dit artikel is geplaatst in: Nieuws

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Op dit item zijn (nog) geen reacties.