Getest: Kawasaki ZZR1400 Performance Sport

Arme ZZR1400. Sta je met je bevallige lijf al jaren boven aan de pk-ranglijst, walst er opeens een grappenmaker uit eigen gelederen de coulissen binnen.

Met de deur in huis dan maar: wat maakt deze Performance Sport zo anders dan de ‘gewone’ ZZR1400? Meest in het oog springende element is het duo uitlaten van de firma Akrapovic.

De titanium dempers vervangen de uit Navarone afkomstige standaard exemplaren en dat is esthetisch absoluut een aanwinst. Daarnaast levert dit de gebruikelijke win-winsituatie op. Het smoelt frisser, klinkt beter, weegt minder en zou moeten zorgen voor wat extra paarden in de toch al zo riant gevulde manege van de ZZR. Zou moeten. Kawa rept namelijk met geen woord over eventuele winst in pk’s of newtonmeters door de montage van de Akra’s. In alle eerlijkheid: je zou kunnen zeggen dat de 1400 het ook niet echt nodig heeft. Overigens zijn de dempers voorzien van een E-keurmerk, oftewel volledig Euro 4-proof. Met dank aan de forse dB-killers. De laatste dienen overigens wel direct uit hun functie te worden ontheven, want ze verpesten de sfeer nogal met hun brave gezoem.

Dan is er nog de TTX39-monoshock van Öhlins, die de oorspronkelijke KYB-unit vervangt. Doel: meer gevoel in de stevige achtersteven van de 1400, geen sinecure met een pk of 200 aan de krukas. Daarmee zijn de belangrijkste elementen in de SP-transformatie wel benoemd. De puntjes op de i worden verzorgd door een hoger ruitje ‘voor comfortabel toeren op hoge snelheid’ (een nogal rekbaar begrip op een ZZR1400), een wat chiquer ‘kuiltjeszadel’ en laser-geëtste vorkdoppen op de voorvork.

Briljante vertraging
In een poging wat meters te maken, duiken we de Autovia op richting het Andalusische achterland. Hét terrein van de ZZR1400; brede, rustige snelwegen, liefst gelardeerd met wat lui bochtenwerk. Het hogere ruitje doet hier zijn ding. Hoewel optisch niet de mooiste oplossing doet het spoilertje bovenop waarvoor hij is aangenomen. Een reële kruissnelheid van zo’n 160 km/h is absoluut kinderspel, maar het kan altijd harder natuurlijk. Dan wordt ook direct haarfijn duidelijk dat een ZZR1400 meer is dan zomaar een doorsnee ‘sportieve toermachine’. Ongekend, zo beestachtig hard als dit dooraccelereert naar 220 km/h, 240 km/h, 260 km/h, 280 km/h… Mocht je nog meer ruimte tot je beschikking hebben: in een poging nog enige politieke correctheid te betrachten, is dit gevaarte elektronisch begrensd op 300 km/h.

Ruimte, por favor
Het wordt al vrij snel duidelijk dat de ZZR een voorkeur heeft voor het wat ruimere bochtenwerk. Dan kan de 1400 zijn troefkaart (neutraal, stabiel stuurkarakter) namelijk maximaal uitspelen. Het monocoqueframe, tijdens de laatste opfrisbeurt in 2012 nog versterkt rond balhoofd en swingarmscharnierpunt, is zo koersvast als je je maar kunt wensen. Ook als een snelweg licht afbuigt (boven de 200 km/h toch al snel een bocht) is het rechtlijnigheid troef.

 

Worden de bochten krapper en de tijd ertussen korter, dan moet de rijklaar 268 kilogram zware Kawa aan de bak. Zeker wanneer je de ZZR snel van het ene oor op het andere wilt leggen, kost dat de nodige handarbeid. Goed, dat past eigenlijk wel bij het karakter van deze machine.

Wat ook opvalt nu de ZZR1400 niet echt de ruimte heeft om zijn volledige paardenstal aan te spreken, is dat de vierpitter in de onderste regionen helemaal niet belachelijk sterk aanvoelt. Een escorterende Z1000 slingert met zijn korte gearing en bottompower met duidelijk meer overgave krappe bochten uit dan de ZZR. Eigenlijk komt het majestueuze krachthonk pas echt tot leven boven de 4000 toeren, en daar zit je met een dikke 1400 op dit soort bochtige wegen maar weinig, blijkt opeens.

Passagier welkom
Hamvraag voor aanvang van deze hernieuwde kennismaking met de ZZR1400 was of we er nog een beetje in geloofden? Geloofden in de meerwaarde van de 200 pk dikke über-stayer als er ook al een H2 deel uitmaakt van de line-up. Want waarom zou je in hemelsnaam de ZZR prefereren boven de gavere, lichtere, snellere, sterkere, avantgardistischer supercharged H2? Nou, misschien omdat voor sommigen de H2 een tikje ‘too much’ is. Niet alleen qua looks en power, maar ook in de portemonnee bijvoorbeeld. Dat scheelt ten opzichte van deze ZZR1400 Performance Sport toch zomaar een slordige € 6500. Daarnaast kun je op een ZZR wél een passagier meenemen en sta je niet elke 130 kilometer naar een benzinepomp te staren. Ergo, er is nog hoop voor de ZZR. Zeker zolang er snelwegen zijn.

Het majestueuze krachthonk komt pas echt tot leven boven de 4000 toeren.

 

Tekst: Randy van der Wal, foto’s: Pien Meppelink/Target Press

 

Dit artikel is geplaatst in: Nieuws

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Op dit item zijn (nog) geen reacties.